Postume uitreiking
Mobilisatie Oorlogskruis
aan Hendrik Bakker
 
Overleden op 45 jarige leeftijd
 

 

Uitnodiging
 


          

horizontal rule

 choose language

 

 

 

Uitnodiging: Uitreiking Mobilisatie-Oorlogskruis Hendrik Bakker

 

Beste kinderen, kleinkinderen, achter kleinkinderen, neven en nichten van Hendrik Bakker,

Op 3 juni 2019 is postuum het Mobilisatie-Oorlogskruis toegekend aan Hendrik Bakker.
De uitreiking van deze onderscheiding, door de burgemeester van Blaricum, vindt plaats op donderdag 21 november 2019 in het gemeentehuis van Blaricum,
Kerklaan 16, van 15.00 – 16.30 uur aan zijn oudste zoon Kees Bakker.
Inloop op het gemeentehuis is mogelijk vanaf 14.45 uur.

Het lijkt de familie direct een mooie gelegenheid om na de uitreiking met elkaar een “Bakker” reünie te organiseren met de kinderen, kleinkinderen, achter kleinkinderen (en uiteraard partners) van de broers Hendrik en Everardus Bakker.

De locatie is Boereblij aan de Angerechtsweg 11 in Blaricum.
Dit zal aansluitend zijn aan de uitreiking op het Gemeentehuis in Blaricum, dus vanaf 16.45 uur.

Wilt u mij uiterlijk 31 oktober 2019 laten weten of u aanwezig wilt zijn in het gemeentehuis, op de reünie of bij beiden?
Wij zullen voor de kosten van de reünie bij de boerderij van Boereblij een bijdrage vragen van € 16,50 per persoon.
Dit is voor het verzorgen van een Hollands stamppot buffet en drankjes. Na opgave van het aantal personen komt er een aparte e-mail i.v.m. de betaling vooraf en voor eventuele dieetwensen.

Het verhaal van Hendrik Bakker staat ook te lezen op www.tussenvechteneem.nl en www.litho320.veteranen.nl

Wij rekenen op een hoge opkomst op deze bijzondere dag!  

Met vriendelijke groeten,

Ellis Klein Bog-Rigter
(dochter van Jopie van Hendrik en Elisabeth Bakker)

 E-mail adres:              kleinbog@gmail.com

Mobiel nummer:        06 5354 2335

 

 

 

 

Toekenning Mobilisatie - Oorlogskruis aan Hendrik Bakker.
Deze zal door de burgemeester van Blaricum aan zijn oudste
zoon Kees worden uitgereikt.

 
         
  datum 21 November    
  locatie gemeentehuis Blaricum    
    Kerklaan 16    
  tijd 14.45u - 15.00u inloop  
    15.00u - 16.30u uitreiking  
    u dient zich aan te melden    

 

 

Reunië fam Bakker.
Nazaten van Hendrik en zijn broer Everardus

 
         
  locatie boerderij de Boereblij    
    Angerechtsweg 11    
  aanvang 16.45u    
  kosten 16,50 euro p.p. incl stamppot/ drank  
  betalen betalingswijze volgt na aanmelding    
         

 

 

Aanmelden

 
  opgave uiterlijk 31 oktober    
  uitreiking neemt wel/ niet deel aan bijeenkomst gemeentehuis    
  reunië neemt wel/ niet deel aan familie reunië    

 

 

Contact

 
   

Ellis Klein Bog – Rigter
(dochter van Jopie van Hendrik en Elisabeth Bakker)

   
    kleinbog@gmail.com
06 5354 2335
   
 

 

       

 

 

MEDEDELINGENBLAD VAN DE
HISTORISCHE KRING BLARICUM

no 21 MEI 1995

 

 

 

BRIEFWISSELING VAN EEN BLARICUMSE MILITAIR EN ZIJN VROUW

tijdens de Mobilisatie en de oorlogsdagen van Mei 1940

 

 

  Samenvatting van de correspondentie tussen Vader Henk Bakker en Moeder Elisabeth Bakker - de Graaf.

Met dank aan zijn zoon de heer Peter Bakker, die de correspondentie ordende en aan de Historische Kring voor een samenvatting ter beschikking stelde. De berichten van Vader Bakker beginnen in Januari 1940, maar uit de eerste brieven van Moeder mogen we afleiden, dat Vader reeds vanaf het begin van de mobilisatie, onder dienst was.

 

 
 

JANUARI - MAART 1940

De correspondentie in deze periode is nog tamelijk onregelmatig. Vanuit zijn legerplaats in Muiden kon Vader immers vaak met (zaken)verlof komen.

Verlofdagen vormen dan ook de hoofdmoot van de berichtgeving. Aankondiging van verlof en soms ook annulering van verlofdagen om verschillende redenen, waaronder straf van het niet verschijnen op appel, of niet slapen in de stal. Hoewel hierover geen concrete mededelingen bestaan, kan uit de berichtgeving worden afgeleid, dat Vader ingedeeld was in een transportgroep op 'paardekracht'.

Onverwachte oefeningen zijn soms ook aanleiding voor het annuleren van verlofdagen. Sommige van deze oefeningen zijn in de buurt en Vader vermeldt dan soms, dat hij bekenden heeft ontmoet en een keer zelfs thee heeft gedronken bij Mevrouw Bon, schoonmoeder van een kennis.

Wat de straffen betreft, is Vader aanvankelijk optimistisch ("het zal zo wreed niet lopen"), maar gaandeweg blijkt de krijgstucht strenger te worden. Een collega kreeg 6 dagen verzwaard, wegens het verwaarlozen van het tuig, dat - net als het paard- regelmatig gepoetst moest worden. Blijkbaar was de betreffende militair ook een bekende van Moeder, want Vader schrijft: "Hij is er nogal onverschillig om, want hij zou aan zijn vrouw schrijven dat hij 14 dagen in de bajes zit en je weet wel zoo is hij ook."

'Stalwacht' is ook regelmatig in het nieuws. Vader heeft het niet zo op slapen in de stal. Slechts een keer is er een verwijzing naar oorlogsomstandigheden: in februari moet Vader Bakker beddenzaken en uitrusting brengen naar wachtposten bij de Merwedebrug.

 

 
APRIL 1940 Op 8 April was er een grote bataljonsoefening, die leidde naar de Hakkelaarsbrug en toen de polder door naar het Fort Uitermeer en Nederhorst den Berg. Daarna retour over Berg, Ankeveen, Hilversumse Meent en Weesp. Er waren 'ontelbare' uitvallers, "zo erg, dat ze niet meer op de wagens konden."
Vader was kennelijk in een bevoorrechte positie, "want dan denk ik maar zo, ik kan het zittende af en dat is het ook waard."

Op 9 April wordt melding gemaakt van een grimmiger wordende situatie. Men heeft opdracht gekregen zich voor te bereiden voor vertrek naar onbekende bestemming. Alle verloven zijn ingetrokken. Vader hoopt "hier in de buurt" te komen. Verder blijft hij er filosofisch onder: "We zullen het beste er maar van hopen, want er is toch niets aan te doen. Zo kon het toch niet blijven."

Twee dagen later nog geen vertrek, "de paarden staan al 2 dagen in tuig dus die beesten zullen het wel zat zijn. Net als wij."Toch nog tijd gevonden om kievitseieren te zoeken.

De bestemming bleek uiteindelijk Zuid-Holland te zijn, in of om Numansdorp, dat is ongeveer 30 kilometer voorbij Rotterdam. Uitladen in het Feijenoord stadion en de laatste 30 kilometer te voet. Vader verwacht inkwartiering, "maar het moet erg stug volk wezen, fijn gereformeerd, maar daar zullen we ons geen zorgen over maken, dat kan nog meevallen."

Het eerste bericht van de nieuwe bestemming is vanuit Maasdam. Daar zit hij bij een brandstofhandelaar thee te drinken. Kennelijk is dat de voorlopige bestemming. De hele nacht niet geslapen en kou geleden op de wagen. Vader hoopt binnenkort op zakenverlof te kunnen, maar is daar ook niet zo zeker van, "het is zo'n rare boel."

De uiteindelijke bestemming blijkt Oudenhoorn te zijn, bij de Haringvliet. Deze plaats werd bereikt na een lange reis onder slechte weersomstandigheden. Vader meldt daat de troep aan de dijk tegen het Haringvliet zit en dat hij in het dorp zit en de jongens iedere dag eten moet gaan brengen. Verder hebben we niets te doen, "want een wachtmeester is er niet."

Na 3 dagen verlof schrijft Vader dat hij hoopt binnenkort nog een paar dagen verlof te krijgen.
"Met zulk weer als het nu is zullen de koeien er gauw uit kunnen, als je hoort wanneer de Meent schaart, schrijf me dan gauw."

Daarna volgen beschrijvingen van het landschap; onder andere een bezoek aan de vuurtoren van Hellevoetsluis met uitzicht op de Haringvliet en de Noordzee. Ook was er inmiddels een bekende uit Blaricum gekomen, een chauffeur die altijd bij 'de Hoop' kwam en iedere week met appels en peren ventte.

Inmiddels was het flink wat drukker geworden met transporten. O.a. moesten de secties langs het Haringvliet van drinkwater worden voorzien. Vader hoopte echter toch snel naar huis te kunnen komen, "want het hooi zal wel mooi hoog opschieten."

De laatste brief uit de april periode is ook gericht op activiteit op de boerderij. Vader hoopt donderdagmiddag thuis te komen om vrijdag en zaterdag de bieten te doen. Ook vraagt hij hoe het met de nieuwe knecht gaat.

 

 
MEIDAGEN Op 6 Mei wordt melding gemaakt van spannende toestanden. Alle verloven zijn ingetrokken, ook voor de lichting 1924, die net is afgezwaaid. Vader is blij dat hij verlof al heeft gehad, want wie weet hoe lang het nog duurt. Hij merkt op dat het vervelend is dat de verloven geregeld ingetrokken worden, maar als het nodig was zouden ze het wel niet doen, dus het is maar afwachten. De jongens moeten vannacht de stellingen betrekken dus die hebben weer een kwade tijd voor de boeg. De jongens die met Pinksteren met verlof zouden gaan kunnen dit nu wel vergeten en nu zullen de vrouwen wel overkomen.

Op 9 Mei was het inpakken richting Willemstad. Een hele reis van ongeveer 60 kilometer op vrachtwagens gevorderd in Rotterdam.

Op 10 Mei breekt de oorlog uit. Vader was de avond daarvoor nog om 12 uur thuisgekomen, na spullen te hebben weg gebracht naar het nieuwe kwartier. Bij deze gelegenheid zag hij voor het eerst de Moerdijkbruggen, waarvan hij zich erg onder de indruk toonde. Om half vier ging de oorlogstoestand in, hetgeen toch nog onverwacht kwam. Hij schrijft dat een paar jongens een beetje in de war zijn, maar dat zal wel zakken.

Hijzelf aanvaardt de nieuwe situatie filosofisch en hoopt dat Moeder het zich niet erg aantrekt, want er is toch niets meer aan te doen. De ochtend is er een Duits vliegtuig in de buurt neergestort met 1 dode en 4 gevangenen. Verder de hele dag vliegtuigen en afweergeschut. Hij besluit met de hoop uit te spreken, dat de oorlog snel zal zijn afgelopen. Hij trekt er zich niet veel van aan, maar denkt veel aan zijn gezin in Blaricum.

De volgende briefkaart is van 1 5 mei waarin hij vermeldt dat hij op eerste en tweede Pinksterdag (12 en 1 3 mei) in de voorste linie heeft gezeten. Hij dacht het er niet meer levend van afte brengen en heeft heel wat meegemaakt. Vier paarden hebben zij verspild, maar wonder boven wonder hebben zij geen manschappen verloren. Dat een en ander Vader niet onberoerd heeft gelaten, blijkt uit het feit dat hij afsluit met de harteljkste groeten van je liefhebbende vrouw.

Op elk van de volgende dagen verstuurde Vader briefkaarten, waarin de opluchting overheerste dat het afgelopen was, maar ook treurnis over de vele gevallenen. Al was de eigen compagnie “door het oog van de naald gekropen”, doordat geen enkele soldaat gesneuveld was. Van het totale regiment waren er 300 doden op de 2400 man. Vader vermeldt namen van diverse bekenden die er ook goed van afgekomen zijn. Onder andere Jan Beukeboom, Cor Rokebrand en Guus de Haan.

 Uit Blaricm had Vader nog niets vernomen, maar hij had wel begrepen dat daar niet veel gebeurd was. Vanaf 16 Mei verblijft hij in Goudswaard. Op 21 Mei schrijft hij dat hij Moeders telegram heeft ontvangen en toen wist hij dat alles thuis goed was. Hij had bij geruchten vernomen dat er in Huizen veel koeien op de boten waren gezet en dacht toen aan evacuatie. Hij had dat in Maasdag en omgeving gezien en was en was erg onder de indruk van de mensen die met have en goed moesten vluchten. Ook was er veel geplunderd. Gelukkig bleek dat 't Gooi dit lot bespaard was gebleven.

Voor het eerst nu ook weer vermelding van gebeurtenissen op de boerderij, met de vraag of de vaars al heeft gekalfd en dat Dikkie de 25ste zijn rekening heeft. Dat zal dan niet lang meer duren en vader hoopt dan thuis te zijn al is er op dat moment nog niets bekend over terugkeer naar huis.

Op 23 Mei weer een briefkaart uit Blaricum ontvangen waarin Moeder schreef dat verschillende Blaricummers nog niet terecht waren. Van een van hen had vader een briefkaart gevonden bij 's Gravendeel. Hij had hem nog gezocht maar niet gevonden. Hij vreest het ergste.

De gemobiliseerde soldaten hebben nu een lui leventje. De dag komt haast niet om en iedereen wil naar huis, maar het duurt lang voordat alles geregeld is.

De laatste briefkaart schrijft Vader uit Zuid-Beijerland op 24 Mei. Hierin staat dat hij nu binnenkort naar huis komt. De juiste datum van terugkeer zal enige tijd later hebben plaatsgevonden maar is niet precies bekend.

 

 
ONDERWIJL IN BLARICUM

De brieven en briefkaarten van Moeder (en de kinderen) Bakker gaan in de Mobilisatie tijd voornamelijk over de zorgen om de boerderij draaiend te houden. Moeder heeft het erg druk met de verzorging van het vee en de gewassen, alsook het venten van de melk. Ze had daarbij assistentie van een knecht en natuurlijk was Vader ook regelmatig thuis met zakenverlof.

Tussen de regels door zijn er diverse verwijzingen naar de veranderde situatie. Zo bericht Moeder over paarden van diverse dorpsbewoners, die 'weggebleven' waren. Kennelijk gevorderd en -tegen vergoeding- gehouden door de autoriteiten. Deze vergoeding varieerden van 300 tot 395 gulden. Het Ministerie van Defensie komt verder het vee taxeren, waarbij prijzen genoemd worden van 205 gulden voor een koe en 140 voor een pink.

Tenslotte wordt na langdurig rekenwerk op het gemeentehuis voor de familie Bakker een vergoeding van fl 17,50 (per week/ maand?) vastgesteld voor de kosten van de hulp op de boerderij.

Het normale leven gaat ook door, getuige de mededeling van Moeder, dat Vader op het gemeentehuis van Eemnes moet verschijnenin verband met plannen voor een ruilverkaveling.

Typisch Goois is tenslotte het volgende citaat: “ ...om mij te helpen, wilde hij ze ook wel scharen op de meent op zijn naam, maar als dat uitkomt, ben ik nog verder van huis, als we geschrapt worden als erfgooier...”

De oorlogsdagen brengen geen gevechtshandelingen in Blaricum, maar toch is er natuurlijk de nodige beweging en opschudding. Op vrijdag 10 mei komt een groep Nederlandse militairen in de boerderij, die tot maandag blijven. Op zondag 12 mei, eerste Pinksterdag, arriveerde een groep evacuees uit Baam. Het waren drie gezinnen, in totaal 13 personen, die op de boerderij ondergebracht moesten worden. Zij bleven tot woensdag 15 mei.

Diepe indruk maakten de grote verplaatsingen van vee uit de omstreken van Amersfoort. Op een bepaald moment werden zo’n 6000 stuks vee over de Meent bij Huizen gedreven. Kalveren, die onderweg werden geboren, werden vertrapt. Later werd het vee op boten geladen, om over het IJsselmeer naar andere plaatsen te worden vervoerd.

Dramatisch waren de beelden van de brandende boerderijen aan de Eem en de ervaring met een boer uit Amersfoort, die alles had verloren (“hij had alleen Vrouw en kinderen nog”), die kwam kijken of er nog een verdwaalde koe rondliep, om opnieuw te beginnen.

Moeder had intussen veel aanloop van bekenden, die naar Henk kwamen vragen. Toen achtereenvolgens de pastoor, de kapelaan en de dokter waren geweest, kwam bij Moeder even het bange vermoeden op, dat er wat gebeurd was.

Dat bleek gelukkig niet zo te zijn. Na een aantal dagen in onzekerheid te hebben verkeerd, kreeg Moeder op 1 8 mei het bevrjdende bericht, dat Vader ongedeerd was. Maar het zou nog enige tijd duren, voordat hij daadwerkelijk thuis kwam.

J. Verwaal

 

Bron; de heer Bep Machielse Hist Kring Blaricum.

 

horizontal rule